B2B Weesp

5 juni 2014

B2B Weesp 5 juni 2014


Kloof tussen opleiding en praktijk

Foto: Brian Elings

Hoe kunnen bedrijfsleven en onderwijs beter op elkaar aansluiten?

De straat op

Hebt u als ondernemer wel eens de wethouder nodig? Als u nu naar buiten loopt, bestaat de kans dat u hem zomaar tegen het lijf loopt. De nieuwe wethouder van Economische Zaken is Herman Tuning. Hij is iemand die graag de stad in trekt om te praten met de mensen die iets van de gemeente nodig hebben en om met eigen ogen te aanschouwen "waar we over praten", zoals hij zelf zegt. Die stijl van besturen hanteerde hij ook in de gemeente Haarlemmermeer, waar hij jarenlang wethouder was met uiteenlopende portefeuilles. Vanwege die ervaring deden zijn partijgenoten van GroenLinks Weesp een beroep op hem.
Tijdens een van de eerste wandelingen door Weesp bereikte de nieuwbakken wethouder ook het bedrijventerrein Noord. Hoe dat nu precies ging, bleef in het midden, maar Tuning vertelde dat hem tijdens die wandeling werd gewezen op 'het kantoor van Cor van der Poel'. De reputatie van de bevlogen IVW-secretaris was duidelijk al vooruitgesneld. Tuning stapte meteen maar even binnen bij Van der Poel. Beiden lieten weten met een goed gevoel terug te kijken op dat kennismakingsgesprek. Dat doet Tuning dus slim.
Overigens wees Van der Poel de wethouder meteen maar even op een verbouwingsplan van een nabijgelegen bedrijf dat in de ambtelijke molen is vastgedraaid. De nieuwe wethouder kon meteen aan de slag. Dat doet Van der Poel dan weer slim.

André Verheul
hoofdredacteur B2B

B2Berichten
Nieuw college aan de slag

En de beste is...
Smit & Zoon beste onderneming Noord-Holland

Column Maritt van Gerwen
Wijziging Ziektewet vereist actie van werkgevers

Coverstory
Kloof tussen school en bedrijfsleven is nog steeds groot

De Kleine Prins
Durf wordt gewaardeerd

Column Niels van de Griend
De coöperatie versus de flex-BV

Business bij de Buren
Taxicentrale Weesp en CMC Coaching

Nieuws van de IVW
BusinessClub in Naarden

Nieuw college aan de slag, Herman Tuning wethouder EZ

Weesp heeft een nieuw college van B en W. Het stadsbestuur is op alle posities veranderd. Herman Tuning is de nieuwe wethouder van Economische Zaken.

De wisseling van de wacht is het gevolg van de gemeenteraadsverkiezingen en de daaropvolgende coalitieonderhandelingen. De bestaande coalitie van VVD, CDA en D66 verloor de meerderheid. Geen van de partijen kon met verkiezingswinnaar WSP (Weesper Stadspartij) tot een deal komen, dus staan nu WSP, PvdA en GroenLinks aan het roer. Ze verdelen de drie wethoudersposten over vier personen. Dat zijn Astrid Heijstee en Jos van Veen (WSP), Peter Eijking (PvdA) en Herman Tuning (GroenLinks). Waarnemend-burgemeester Bas Jan van Bochove maakt het stadsbestuur compleet. De Weespers Heijstee, Van Veen en Eijking hebben geen ervaring met het stadsbestuur. Van Bochove en Tuning hebben dat wel, maar zijn nieuw in Weesp.

Tuning komt uit Hoofddorp en is acht jaar wethouder in de gemeente Haarlemmermeer geweest. In die periode heeft hij veel portefeuilles gehad. Van Verkeer en Vervoer, Cultuur, Milieu en Sociale Zaken tot Wonen en Volksgezondheid. "Ik vond alles leuk. Al heb ik in die jaren gemerkt dat mijn hart ligt bij onderwerpen waar de mensen zelf centraal staan. Mijn speerpunt als bestuurder is altijd geweest dat ik met iedereen in overleg ging. Van burgers, bedrijven en winkeliers tot dorpsraden. Ik vind dat je samen tot een besluit moet komen. En besluiten moeten er worden genomen. Je moet altijd in ogenschouw nemen dat je iets moet doen. Je kunt het niet met elkaar eens zijn, als je maar kunt uitleggen waarom je iets gedaan hebt. En dat wordt straks ook mijn kenmerk als wethouder: goed laten zien waar je mee bezig bent. Overigens is dat een speerpunt voor heel het college."

Portefeuilles
Herman Tuning (links op de foto) krijgt in Weesp onder meer Economische Zaken, Werk en Bijstand, Stadsbeheer en Begraafplaatsen in zijn portefeuille. Astrid Heijstee wordt locoburgemeester en is verantwoordelijk voor onder andere Sociaal Domein, Toerisme, Verkeer en Vervoer, Burgerinitiatieven en ze wordt wethouder Binnenstad. Jos van Veen neemt Financiën, Grondzaken, ICT en Maatschappelijk vastgoed onder zijn hoede. Peter Eijking bestuurt op Ruimtelijke Ordening en Water, Onderwijs en Jeugd, Kunst en cultuur en Volkshuisvesting. Burgemeester Bas Jan van Bochhove krijgt naast Openbare Orde en Veiligheid ook de portefeuille Burgerzaken en Voorlichting.

JUMO in de race voor TechAward

JUMO Meet- en Regeltechniek is in de race voor een TechAward. Het Weesper bedrijf is genomineerd in de categorie 'World of Automation en World of Motion & Drives'.

De prijsuitreiking vindt plaats tijdens de beurs WoTS (World of Technology and Science) in Utrecht van 30 september tot en met 3 oktober. JUMO dingt mee met de innovatieve DICON Touch, een tweekanaals proces- en programmaregelaar met datalogger. Het apparaat is inzetbaar in allerlei industrieën en sectoren. De bezoekers van de beurs kunnen hun stem uitbrengen op een van de genomineerden. Tijdens de beursweek wordt bekendgemaakt wie de winnaar wordt.

JUMO, gevestigd aan de Rijnkade, is een van de leidende producenten op het gebied van industriële sensor- en automatiseringstechniek.

Enter Media breidt uit in het Gooi

Het WeesperNieuws heeft er een broertje en zusje bij. Op 21 mei verschenen de eerste edities van het HuizerNieuws en het BELNieuws, twee lokale huis-aan-huisbladen van de Weesper uitgever Enter Media.

HuizerNieuws verschijnt in Huizen in een oplage van 19.000 exemplaren. BELNieuws verschijnt in Blaricum, Laren en Eemnes (de 'BEL-gemeenten') in een oplage van 14.500. De redactie van de krant gaat samenwerken met Radio 6FM, de omroep in Huizen en BEL.

Enter Media is al meer dan twintig jaar uitgever van de veelgelezen lokale huis-aan-huiskrant WeesperNieuws. De uitgever (ook van deze B2B) breidde sinds 2008 de portefeuille lokale nieuwstitels gestaag uit met het DiemerNieuws, IJburgerNieuws, BussumsNieuws, NaarderNieuws en MuiderNieuws. De nieuwe titels HuizerNieuws en BELNieuws zijn een logisch vervolg.

In de aaneengesloten regio van Amsterdam IJburg tot aan Eemnes (inclusief Hilversumse Meent, Driemond, Nigtevecht, Nederhorst den Berg en Muiderberg) verspreidt Enter sinds vorige maand 88.000 kranten. Door de uitbreiding van het gebied verwacht de Weesper uitgever meer lokale adverteerders, maar ook grotere regionale en landelijke adverteerders te trekken.

Omrijden vanwege werk aan N236

De provincie Noord-Holland is begonnen met het herinrichten van de Gooilandseweg (N236) langs Weesp. Het verkeer moet rekening houden met omleidingen.

De kruising met de Van Houtenlaan (bij de BP / Tong Ah) wordt in de weekenden van 6 t/m 9 juni en 13 t/m 16 juni afgesloten. Het weekend daarna staat als reserveweekend gereserveerd, voor als de weersomstandigheden in de andere weekenden tegenvielen. De kruising wordt onder meer opnieuw geasfalteerd, er worden nieuwe stoplichten geplaatst en het fietspad wordt aangepakt. Het auto- en fietsverkeer wordt omgeleid, onder meer via de Rijnkade en de brug De Uitkomst. Aan de weg wordt tot eind augustus gewerkt. De maximumsnelheid wordt tijdens deze periode verlaagd naar 50 km/u.
Ondertussen werkt de gemeente aan de herinrichting van de Hogeweyselaan op bedrijventerrein Noord. Die klus moet in juli geklaard zijn.

Zonnige wijnproeverij in de winkelstraten

In het centrum van Weesp vond 25 mei de tweede Weesper Wijnproeverij plaats. Dit initiatief van winkeliers en het WeesperNieuws bracht veel gezelligheid met zich mee.

Vanwege het zomerse weer hadden de meeste deelnemende winkeliers de proeftafel buiten neergezet. De deelnemers liepen met een speciaal glas in de hand van de ene naar de andere zaak.

Op tien locaties werden door sommeliers twee verschillende bodempjes wijn ingeschonken, vergezeld door een korte uitleg. Aan de proevers de taak de geselecteerde wijnen te beoordelen.

Uit alle ingevulde wijnkaarten komen winnende wijnen rollen. Welke dat zijn en waar in Weesp ze te koop zijn, wordt binnenkort in het WeesperNieuws bekendgemaakt. Onder de deelnemers wordt een diner voor twee verloot. De wijnproeverij werd gehouden tijdens de koopzondag. Tussen het proeven door werd er volop geshopt.

Met de slogan 'Water verbindt, van Vecht tot Loosdrechtse Plassen' presenteren de drie gemeenten Stichtse Vecht, Weesp en Wijdemeren (SWW) zich ook dit jaar gezamenlijk op de vastgoedbeurs PROVADA 2014. Zij doen dit niet zonder reden. De gemeenten hebben ondernemers immers veel te bieden. Het gebied heeft door haar centrale ligging, haar veelzijdigheid aan bedrijventerreinen en haar aanlokkelijke woonklimaat een aantrekkelijk vestigingsklimaat. De PROVADA vindt plaats op 3, 4 en 5 juni 2014 in de Amsterdam RAI. Plezierig werken, wonen en ondernemen, het kan in SWW. De gemeenten Stichtse Vecht, Weesp en Wijdemeren bieden talloze mogelijkheden voor plezierig ondernemen, werken en wonen. Dus wie op zoek is naar een geschikte plek om te ondernemen: kom naar de PROVADA 2014, hal 9, of neem contact op met de gemeente Weesp (0294) 491203.

En de beste is...

Het gejuich in theater Philharmonie in Haarlem moet tot in de verre omtrek te horen zijn geweest toen bekend werd dat Smit & zoon uit Weesp door de vakjury verkozen werd tot Beste Onderneming van Noord-Holland.

Op 7 mei waren beide directeuren, Marc Smit en Hans van Haarst, samen met 12 medewerkers naar Haarlem afgereisd. Hoewel de verwachtingen hooggespannen waren had eigenlijk niemand echt rekening gehouden met het winnen van deze titel. De golf aan reacties en media-aandacht die volgde op de verkiezing was overweldigend. Taart, bloemen, interviews met lokale kranten en radio en een compilatie van de regionale tv. Er lijkt geen einde aan te komen. Hans van Haarst (CEO): "We zijn enorm trots en blij met alle steun, ook in de vorm van stemmen, die we hebben gekregen van onze klanten, collega-ondernemers en vrienden. Een bevestiging dat we op de goede weg zijn."

De fundamenten waarop dit Nederlandse familiebedrijf uit 1821 is gebouwd zijn stevig. Op dit moment wordt de directie gevormd door de zevende generatie. Sinds de laatste directiewisseling in 2005 is het bedrijf nog meer internationaal georiënteerd en uitgebreid met een aantal eigen vestigingen in het buitenland. Het van oorsprong handelsbedrijf in stokvis en levertraan is vandaag de dag meer een productiebedrijf met een drietal businesslines. Vanuit het hoofdkantoor in Weesp worden specialistische chemicaliën voor de leerindustrie ontwikkeld, geproduceerd en verkocht. Naast speciale chemicaliën voor de leerbranche is Smit & zoon één van de grootste toeleveranciers van functionele, natuurlijke oliën. Smit & zoon is zelfs het bedrijf met de langste historie als het gaat om levering van Omega-3 voedingssupplementen, met producten voor diervoeding en voedingsmiddelen. De derde businessline richt zich op de finishing van het leer, waaronder het toevoegen van speciale effecten als kleur of glans.

Talentontwikkeling
De nominatie en het winnen van de titel komen voor Smit & zoon op een zeer gunstig tijdstip. Het bedrijf groeit enorm en is op zoek naar nieuw talent. Margreta Barten, Manager Human Resources: "We zijn als bedrijf enorm in ontwikkeling en besteden veel aandacht aan innovatie, talentontwikkeling en duurzaam ondernemerschap. We doen daarin zeker niet onder voor andere grote werkgevers, maar gebruiken dit niet optimaal in onze communicatie. Ik hoop dat door deze media-aandacht nieuw talent ons beter weet te vinden."

Column

Wijziging Ziektewet vereist actie van werkgevers

De wet Beperking Ziekteverzuim en Arbeidsgeschiktheid Vangnetters (BeZaVa) is begin 2013 in werking getreden. Met ingang van 1 januari 2014 worden werkgevers financieel verantwoordelijk voor onder andere werknemers met een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd (flexwerkers) die ziek uit dienst gaan of die binnen vier weken nadat zij uit dienst zijn gegaan ziek zijn geworden en nog geen ander werk hebben of nog geen WW-uitkering hebben ontvangen.

Vóór 1 januari 2014 betaalden werkgevers een sectorpremie, ongeacht het aantal (ex-)werknemers die van een ziektewetuitkering (ZW) gebruik maakten. Thans wordt de premie van grote en middelgrote werkgevers afhankelijk van de instroom in de ZW. Deze werkgevers gaan een gedifferentieerde premie betalen voor de ZW van ex-werknemers.

Wat kun je als werkgever doen om deze schadepost te voorkomen of te beperken?

- Je kunt een zieke (ex-)werknemer met een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd re-integreren om hem zo snel mogelijk weer aan het werk te krijgen. Hierbij is het aan te raden om post-contractuele bedingen (bepalingen die ook na het einde van de arbeidsovereenkomst doorwerken) in de arbeidsovereenkomsten voor bepaalde tijd op te nemen. Je moet dan denken aan bepalingen die de ex-werknemer verplichten om, indien hij binnen vier weken na het einde van het dienstverband ziek wordt, zich ziek te melden bij de ex-werkgever en bepalingen die de ex-werknemer verplichten om zich ook na uitdiensttreding te houden aan de regels die tijdens ziekte van belang zijn voor controle en re-integratie. Op die manier kun je als werkgever grip houden op jouw zieke ex-werknemers. Hiermee heb je invloed op hun herstel, waarmee tevens een bijdrage wordt geleverd aan de verlaging van de te betalen premies voor de ZW-uitkering. Immers, hoe sneller de ex-werknemer weer hersteld is, hoe lager de (gedifferentieerde) premie wordt.

- Het is mogelijk om een zieke werknemer met een tijdelijk contract nog even in dienst te houden totdat deze weer beter is.

- Het is aan te raden om werknemers waarvan het contract niet wordt verlengd te stimuleren zo snel mogelijk een WW-uitkering aan te vragen. Dit is mogelijk vanaf 4 weken voor het einde van het dienstverband.

Kloof tussen theorie en praktijk

Bedrijven en scholen moeten met elkaar in gesprek

Foto: Brian Elings

Nog steeds vinden het bedrijfsleven en hun werknemers van de toekomst elkaar niet in het opleidingstraject. Goede stageplekken vinden blijft lastig voor leerlingen van het vmbo en mbo en met name in de techniek. En tegelijk weten bedrijven niet wat ze met de soms ongemotiveerde leerlingen aan moeten: ze kunnen nog geen kruiskop van een platte schroevendraaier onderscheiden, is een vaak gehoorde klacht en wie draait er voor de financiële gevolgen op als er wat gebeurt tijdens het werk? Ondernemer en praktijkman in hart en nieren Peter Jansen van het eenmansbedrijf PTTA verdeelsystemen luidt de noodklok naar beide kanten: "Scholen, leid je leerlingen beter op zodat ze beter inzetbaar zijn in leerbedrijven en bedrijven, neem de tijd leerlingen wat te leren. Dat werkt voor beide kanten in het voordeel."

Zelf heeft Jansen momenteel drie stagiaires onder zijn hoede. Een leerling uit 3 vmbo van het Casparus College voor 4 weken, een BOL'er van het ROC uit Amsterdam voor 18 weken en een leerling van het ROC Hilversum mbo niveau 4 voor 20 weken, die zijn eindstage doet bij PTTA. Voor deze stagiaire had Jansen een uitdagende opdracht voorhanden: de vervanging van het hoofddistributiepaneel bij DENSO in samenwerking met EWN. PTTA leverde de elektrische distributiepanelen ofwel de groepenkast. De stagiaire kreeg de opdracht het project te beschrijven: vanaf de offerte, planning en uitvoering tot aan de evaluatie achteraf. Een opdracht een eindstage waardig.

Wat valt je op aan de stagiaires van nu?
"Ik merk dat leerlingen van nu vaak gemakzuchtig zijn. Ze bellen je op met de vraag of ze stage mogen lopen, maar ik vraag me af of ze weten met welk bedrijf ze te maken hebben. Daarbij zijn ze snel afgeleid door hun mobiele telefoon en is hun aandachtsboog kort. Je moet ze veel prikkelen. En wat vooral opvalt is, dat hun kennis tekortschiet."

Foto: Brian Elings
Foto: Brian Elings

Een van de struikelblokken in de stage van (v)mbo-leerlingen is het ontbreken van een VCA-diploma. Dit basisveiligheidsdiploma maakt volgens Jansen stagiaires alert tijdens het werk over de situatie waarin en het materiaal en machines waarmee ze werken. "Nu ze dit diploma niet hebben, hebben ze geen idee aan welke gevaren ze worden blootgesteld tijdens het werk. Ik pleit ervoor om het VCA in de lesstof van school te integreren, dat is met 6 lessen gepiept", aldus Jansen. Dat bedrijven verantwoordelijk voor de stagiaires zijn als er iets misgaat, stelt hij ter discussie. Dat risico maakt dat leerbedrijven terughoudend zijn in het aannemen van stagiaires. Als bedrijf kun je je verzekeren tegen dat risico, maar die kosten zijn hoog. Jansen: "Wat bedrijven zich echter wel moeten realiseren is dat ze met deze terughoudende houding zichzelf in de vingers snijden: straks is er geen technisch personeel meer te krijgen."

Bij het vmbo gaat het bij de stage in het derde leerjaar om 'snuffelen'. Een leerling moet zich breed kunnen oriënteren op de mogelijkheden binnen de techniek. Jansen: "Daarom vind ik ook dat een leerling de gelegenheid moet krijgen om meerdere bedrijven te leren kennen. Stel dat ze er bij mij niets aan vinden, dan kan het nog wel zijn dat ze zich bijvoorbeeld bij EWN wel op hun plek voelen. Techniek heeft zoveel aspecten, dat ervaar je niet als je maar in één bedrijf komt snuffelen. Leerlingen gooien bij een beetje tegenzin al veel te snel de handdoek in de ring. Aan bedrijven en scholen de taak om hun een veelzijdige beroepsoriëntatie te bieden."

Waarom steek jij zoveel tijd in het opleiden van stagiaires?
"Als bedrijf vind ik dat je een maatschappelijke taak hebt. Leerlingen moeten de kans krijgen om een vak te leren bij een leerbedrijf. Technische mensen blijven onmisbaar, ook in de toekomst. Dus zullen we ze moeten blijven opleiden en de techniek als een aantrekkelijke optie voor praktijkmensen moeten promoten. Dat is de reden waarom ik al heel snel nadat ik met PTTA ben begonnen mezelf heb opgeworpen als leerbedrijf. Als bedrijf weet je dat een stagiaire je per saldo geld gaat kosten. Maar doe je het niet, dan trekken we met z'n allen aan het kortste eind. En ook niet onbelangrijk: als je een leerling enthousiast kan krijgen voor techniek, geeft dat veel voldoening. Daarin zit je winst."

Waarom zijn bedrijven dan toch terughoudend?
"Dat komt omdat ze tegen praktische zaken aanlopen. Allereerst dus de kennis die ontbreekt bij de leerling, maar ook simpele zaken als hoe krijg ik de leerling mee naar de klus? Vaak bieden bedrijfsauto's ruimte aan slechts twee werknemers, dus waar laat je die leerling? Los op de achterbank? Of nog een keertje extra rijden? De eerste optie mag niet, de tweede kost geld. En als zo'n leerling dan uit verveling of desinteresse zijn mobiele telefoon interessanter vindt, dan is een bedrijf al snel klaar met hem. De leerling wordt niet uitgedaagd, het bedrijf ergert zich en loopt tegen praktische problemen op. En zo is het cirkeltje rond."

Wat kunnen het vmbo en het mbo beter doen?
"Ga met bedrijven in gesprek. Welke basiskennis is er nodig. Zorg dat het gedoe rond de VCA op orde is. Zorg dat duidelijk is waar de verantwoordelijkheden liggen. Zorg voor goede randvoorwaarden. Maar stel ook hogere eisen aan de leerling: stel individuele leerdoelen vast en laat ze verslagen maken over wat ze in de praktijk leren. Bezoek de leerbedrijven en de stagiaires. Ik mis visie bij de scholen. Ik blijf het gevoel houden dat scholen denken: als ik de leerlingen maar onder dak heb, dan komt het wel goed. En dat is nadrukkelijk niet zo."
Welke oplossing zie je?
"Scholen en bedrijven: ga met elkaar in gesprek. Voor bedrijven geldt: stimuleer leermeesters in bedrijven in het opleiden van leerlingen. Een strengere selectie van leerbedrijven die kunnen aantonen zich daadwerkelijk te willen en kunnen inzetten voor leerlingen is van belang. Juist in zo'n kleine gemeenschap als Weesp moet het samenspel tussen scholen en (leer)bedrijven te realiseren zijn. Hier kennen we elkaar nog en zou de drempel om elkaar te spreken laag moeten zijn. Jammer dat we deze kleinschaligheid nu niet benutten. Maar laat ik wel helder zijn: het zijn de scholen die hierin hun verantwoordelijkheid moeten nemen."

Heb je hoop op betere tijden?
"Natuurlijk wel. Zo was er in mei een bijeenkomst op het ROC Hilversum waarbij bedrijven werden uitgenodigd om te komen praten over een betere praktijkopleiding. Uitkomst van het gesprek is dat leerbedrijven gaan uitzoeken welke basiskennis een leerling nodig heeft als hij stage gaat lopen en de scholen gaan dit opnemen in de lesstof. Een goede eerste stap. Nu zorgen dat we echt tot samenwerking komen. Het is in ieders belang."

Dayenne Haas, stagecoördinator van het Casparus College, toont zich positief over de afstemming van de stages met het bedrijfsleven. De leerlingen gaan sinds dit jaar vijf weken lang een dag per week voor gastlessen naar het ROC in Hilversum en Amsterdam, dus aan kennis wordt gewerkt. In vmbo 3 doorlopen de leerlingen een stage van een maand. Haas: "Het lukt ons goed om contact te hebben met de bedrijven. Maar het kan beter. Als een leerling ontdekt dat de betreffende techniek niet zijn ding is, moet hij toch zijn stage uitzitten. Beter zou zijn als hij het hele jaar door kennis zou maken met verschillende vormen van techniek." Haas verwijst hiermee naar het nieuwe leermodel voor het vmbo dat directeur Paul Blonk onlangs presenteerde. Hierin zouden bedrijven een onderdeel moeten worden van de verschillende leerplaza's op het Casparus College en zouden leerlingen gedurende de hele opleiding meer contact moeten hebben met de bedrijven. "Door omstandigheden is Paul afwezig en liggen deze plannen nu stil, maar binnen onze sectie willen we er verder mee. Wie binnen het Casparus pakt de handschoen op?"

12 / 20

Column

De coöperatie versus de flex BV

De vraag naar coöperaties is de laatste jaren behoorlijk toegenomen. Als vanouds een inkooporganisatie ten behoeve van aangesloten leden (destijds vooral in de agrarische sector), is de vraag naar coöperaties in de huidige tijd veel ruimer geworden. Zo wordt de coöperatie wel gebruikt als koepel voor scholen of ten behoeve van de gezondheidszorg of voor samenwerkende zzp'ers. Ook ten behoeve van consumenten (energie-inkoop/leveranties) en werknemersparticipaties worden wel coöperaties opgericht. Coöperaties waren in sommige gevallen ook een goed alternatief voor de BV, zeker in het licht van het oude, al vervallen minimumkapitaal bij de oude BV.

Maar is dat nog wel zo, nu er nieuw BV-recht is?
De coöperatie is een bijzondere vereniging en is in beginsel dus helemaal gebonden aan het verenigingsrecht. De coöperatie is volgens de wet kortgezegd verplicht om in de stoffelijke behoefte van leden te voorzien, door middel van overeenkomsten die zij (de coöperatie) sluit met de leden in het bedrijf dat zij daartoe drijft. Er moet dus een bedrijf zijn en er moeten contracten zijn.

Er staat nergens in de wet dat het resultaat (de winst) ten goede komt aan de leden. Wordt dat niet als zodanig omschreven in de statuten, dan kan het dus in beginsel ook niet uitgekeerd worden aan de leden. Bij de BV is het eigenlijk andersom en is het juist het uitgangspunt dat de winst ter beschikking staat aan de aandeelhouders.

Omdat de coöperatie een vereniging is, levert dat nog meer knelpunten op. Zo is een lidmaatschap in beginsel niet overdraagbaar. De statuten zouden dat weer anders moeten vormgeven. Ook hier is de BV in beginsel wezenlijk verschillend. Ook het opleggen van financiële verplichtingen aan de leden is, vanwege de toepassing van het verenigingsrecht, extra complex.

Leden kunnen volgens de wet hun lidmaatschap onmiddellijk opzeggen als er een besluit tot verzwaring van de lidmaatschapsverplichtingen is genomen. Ook hier zouden de statuten weer extra bepalingen moeten omvatten om te voorkomen dat er tussentijds een grote leegloop ontstaat en de interne financiering onder druk komt te staan. Naar nieuw BV-recht kunnen veel extra verplichtingen op het aandeelhouderschap worden gelegd. Zo kan statutair worden bepaald dat een aandeelhouder gedurende een bepaalde tijd bepaalde bedragen moet storten en in die tijd zijn aandelen niet kan overdragen.

Kortom, de oprichting van een coöperatie is bepaald geen 'walk in the park' en loopt soms tegen wettelijke onmogelijkheden op. Maar wat civielrechtelijk vrij complex is, is fiscaal al helemaal een 'bijter'. Bij elke coöperatie, maar zeker als de coöperatie wordt gebruikt als (tussen)holding, is deskundige fiscale begeleiding een must.

Durf wordt gewaardeerd

Nathalie Scheffer van De Kleine Prins is genomineerd als Beste Boekverkoper van het Jaar. Of ze wint, hangt in eerste instantie af van de hoeveelheid stemmen die ze krijgt in de publieksronde. Meestemmen kan nog tot en met donderdag 12 juni.

De wedstrijd is uitgeschreven door de Stichting Elspeet Conferenties, dé vakorganisatie voor mensen die werkzaam zijn in het boekenvak. De verkiezing wordt sinds 2005 gehouden. Er zijn 24 kandidaten genomineerd. Het gaat om boekverkopers uit het hele land. De prijs, een beeldje, wordt uitgereikt tijdens de Elspeet Conferentie 2014 op vrijdag 13 juni in De Melkweg in Amsterdam. Maar het is de enorme uitstraling voor je boekenhandel waarin de echte prijs schuilt.

"Ik vind het heel bijzonder. Het is dé prijs die je in ons vak kunt winnen", zegt Scheffer. Boekhandels en vertegenwoordigers dragen bij de Elspeet Conferenties kandidaten voor deze prijs voor. Zelf heeft Scheffer ook een collega genomineerd, maar die is niet opgenomen bij de laatste 24. Zijzelf dus wel. Vorig jaar opende Scheffer een tweede winkel aan de Slijkstraat, een kantoorboekhandel. Daar dankt ze de nominatie aan, denkt ze zelf. "Ik heb daar heel veel positieve reacties op ontvangen van collega's, vertegenwoordigers en anderen in het boekenvak. Het werd gezien als krachtig, sterk en gedurfd. Ik zit nu 27 jaar in dit vak en het is geweldig dat dat nu op deze manier gewaardeerd wordt." Maakt Scheffer kans op de prijs? "Eerst moet ik maar eens stemmen 'ronselen'. Want uit deze stemronde op internet blijft een top 5 over. De vakjury kiest daar de winnaar uit. Het zijn altijd grote namen die deze prijs winnen, dus ik vind het al heel wat dat ik er tussen sta. Het is een enorme eer." In De Kleine Prins wordt enthousiast gereageerd op de nominatie van Scheffer. Klanten die ervan horen, beloven meteen te gaan stemmen. Stemmen kan via www.elspeetconferenties.nl/stemmen/

Humerto Tan
Intussen blijft Nathalie Scheffer aan de weg timmeren. Vorige maand organiseerde ze een bijeenkomst met tv-presentator Humberto Tan, schrijver van het boek 'Rondom Tan: Vrouwen'. In plaats van een gewone signeersessie bedacht Scheffer een andere invulling. Ze liet Tan interviewen door Rob Geul, de oude hoofdmeester van zowel Humberto Tan als Nathalie Scheffer. In het bijzijn van zo'n 35 aanwezigen beantwoordde Tan openhartig alle vragen die de oud-schoolmeester hem stelde. Zo kwam het publiek meer te weten over Tans jeugd.

Samen verder

Foto: Ruth van Kessel

Taxicentrale Weesp-Muiden heeft na een jarenlange samenwerking in het particuliere, zakelijke en VIP-vervoer met Carey Holland uit Amsterdam, de stap genomen om het bedrijf over te nemen. Een operatie die voor alle werknemers de nodige aanpassing vergt. Aan directeur Barry Bonsen de taak om de overname in goede banen te leiden.

Hoe maak je van twee bedrijven met elk een andere cultuur een bedrijf waar alle werknemers met plezier werken en alle neuzen dezelfde kant op staan? Negen werknemers van Carey Holland, ook bekend onder de naam Budget Chauffeur Drive, verplaatsten dit jaar hun negen auto's naar de taxicentrale in Weesp. Barry Bonsen: "Ik wilde dat deze mensen zich meteen welkom zouden voelen in Weesp. Voor hen was het een grote omslag om van Amsterdam naar Weesp te verhuizen en te moeten integreren in een team van vijftig medewerkers. Dus hebben we ervoor gezorgd dat de werkplekken in orde waren, autosleutels bijgemaakt en ervoor gezorgd dat elke chauffeur meteen een kostuum kreeg aangemeten." Taxicentrale Weesp-Muiden en Carey Holland werkten al 25 jaar samen. Om beide bedrijven hun eigen identiteit en goede naam in de branche te laten behouden, is er gekozen voor de naam 'United Chauffeur Drive'. "Een hele mond vol, maar wel een naam die aangeeft dat we fysiek een bedrijf zijn. Voor onze planners maakt het niet uit of klanten vragen naar Taxi Weesp of Carey, zij weten altijd de juiste chauffeur en de juiste auto bij de juiste klus te combineren." Per 1 mei 2014 trok oprichter Dennis Sempel zich terug als directeur uit het bedrijf. Bonsen neemt sindsdien alle taken waar en is de leidinggevende van het bedrijf. "Dat was een grote beslissing", vertelt de voormalige bedrijfsleider van de taxicentrale. "Daarom wilde ik onderzoeken of ik over voldoende tools beschik om deze taak aan te kunnen en ben ik met 'CMC Training & Coaching' in zee gegaan. Ik raad iedereen zo'n traject op maat aan. Het is het dubbel en dwars waard." De visie van de taxicentrale staat onverminderd overeind: betrouwbaar, netjes en op tijd. Of er nu gekozen wordt voor een taxi, touringcar of limousine, bij Taxi Weesp weten klanten zich in goede handen bij de chauffeurs. "Wij gaan voor het totaalpakket", aldus de nieuwe directeur.

Taxi Weesp over CMC Training & Coaching
Barry Bonsen: "Op de Weesper B2B-dagen ontmoette ik Christel Meijer van CMC. We hadden een heel prettig gesprek. Als klant bepaal je bij CMC zelf waaraan je wil werken. Christel werkt doelgericht en dat zorgt ervoor dat je in een paar gesprekken veel kunt bereiken. Een zeer zinvol traject, er geen tijd voor hebben kan gewoon niet."

Het beste uit mensen halen
of Doen waar je sterk in bent

Foto: Ruth van Kessel

Vraag je wel regelmatig aan je medewerkers hoe het met ze gaat? Hebben ze nog plezier in hun werk en kunnen ze hun taken nog aan? Zijn ze toe aan een nieuwe uitdaging? Vanuit de visie dat als je over de juiste tools beschikt om je werk te doen je effectiever functioneert, helpt Cristel Meijer van CMC Training & Coaching mensen op weg.

Of je nu manager, directeur of commercieel medewerker bent, als je inzicht in je zelf hebt over wat je goed doet en wat je nog kunt verbeteren, vergroot je de effectiviteit en het plezier in je werk. Dat is de stellige overtuiging van Cristel Meijer, oprichtster van CMC Training & Coaching. "Wie toegerust is voor zijn taak gaat met plezier naar zijn werk en is bereid een stapje harder te lopen", vertelt trainer en coach Meijer. "Ondernemers vergeten nog wel eens te vragen aan hun medewerkers of ze nog goed in hun vel zitten. Zeker in deze tijd waarbij bedrijven krimpen en werk zich opstapelt, is het goed om erbij stil te staan. Een coachend gesprek of een training kan mensen weer in de juiste richting zetten. Jammer genoeg wordt dat vaak vergeten."
CMC staat voor doelgerichtheid. Geen dure lange trajecten, maar kortdurende interventies. Een instrument dat CMC vaak gebruikt is de Mind Challenge, een toets die snel inzicht geeft in waar de zwakke en sterke punten van iemand liggen, welke valkuilen er vermeden moeten worden en waar verbeteringen te halen zijn. Meijer: "Wetenschap heeft aangetoond dat met een coachingstraject 65% van het ziekteverzuim wordt teruggedrongen en dat aandacht voor werknemers positiever motiveert dan een loonsverhoging." En die aandacht hoeft niet de kop te kosten. Met korte trajecten van vier maal twee uur behaal je al veel resultaat, zo stelt de trainer en coach.

CMC heeft naast persoonlijke trajecten ook grote organisaties als V&D als klant. Voor de laatste heeft ze het opleidingsbeleid vormgegeven en managers getraind en gecoacht. Haar roots liggen in de confectie, waar ze kledingmerken in de markt neerzette en zich ontwikkelde tot consultant. In 2007 startte ze met CMC. Meijer: "Het is heerlijk om jezelf te blijven ontwikkelen en te zien wat je met de juiste tools kunt bereiken. Doen waar je sterk in bent, ik gun het iedereen."

CMC over Taxicentrale Weesp-Muiden
Cristel Meijer: "Ik ontmoette Barry Bonsen dit najaar op de Weesper B2B-dagen. Hij zit met zijn medewerkers in een belangrijke ontwikkeling van zijn bedrijf. Ik mag ze hierbij helpen. Opvallend is de open cultuur en de bereidheid van de medewerkers om in beweging te komen. Taxi Weesp is een prachtig bedrijf."

Weten dat je over de juiste tools beschikt om efficiënt en met plezier aan het werk te zijn. Een regelmatige onderhoudscheck is niet alleen goed voor je wagenpark, maar ook voor je medewerkers.

Weesp en Muiden economisch weer iets beter

Foto: Brian Elings

Altijd goed om te vernemen: in Elseviers lijst van economisch sterkste gemeenten is Weesp iets verder opgeklommen. Weesp bezet nu plaats 37. De laatste twee jaar cirkelde Weesp rond plaats 40, daarvoor was het nog de 85e plek.

Weesp wordt in dit economische overzicht in één adem genoemd met Muiden. Het rapportcijfer 7,25 is hetzelfde als in voorgaande jaren. Er staan ruim 400 gemeenten op de lijst. Weesp/Muiden scoort nog steeds verreweg als beste in deze regio. De IVW stelt daarmee vast dat Weesp en Muiden redelijk goed door de crisis komen.
De economische regio Hilversum blijft een grijze middenmoter, maar klimt wel iets op. Volgens de IVW is dat in belangrijke mate dankzij de bijdrage van Weesp/Muiden.

Herinnering IVW-enquête

De IVW heeft tot nu toe al ongeveer 30 procent respons gekregen op de jaarlijkse IVW-enquête. Deze enquête is per e-mail verstuurd aan de leden. Om een zo goed mogelijk beeld te krijgen van wat de wensen en problemen van bedrijven zijn, is het beter om nog meer reacties te krijgen. Mocht u dat nog niet gedaan hebben, dan hierbij een vriendelijk verzoek dat nog even te doen. Het duurt niet lang en uw mening is waardevol, want het helpt de IVW bij het stellen en afstemmen van het beleid.

IVW BusinessClub maakt uitstapje

De IVW BusinessClub van mei was opnieuw tussen de auto's. Dit keer niet in Weesp of Muiden, maar in Naarden. Lilian Sonius van automobielbedrijf Fred Janssen was onze gastvrouw.

Het uitstapje naar Naarden past in de regionale blik van de (officieel) 'IVW Weesp, Muiden en omstreken'. IVW-voorzitter Wim Zagt deed het openingswoord en wenste het nieuwe college van B en W veel succes. Het Weesper bedrijf Complicity gaf een korte presentatie, waarna de bezoekers een beeld kregen van hoe autobedrijf Fred Janssen, met vestigingen in Naarden en Huizen, de zaken aanpakt. Onze fotograaf Brian Elings maakte deze beeldreportage.

20 / 20